Opgegroeid met narcisme: waarom verbinding zo moeilijk is

man voelt geen verbinding in sociale situatie door narcistische opvoeding

Ben je opgegroeid met narcisme? Dan heeft dat grote gevolgen voor hoe jij jezelf ziet. Zeker op latere leeftijd uit zich dat in hoe je met anderen omgaat — in hoe je je verbindt met de mensen om je heen. Die verbinding voelen is daarom altijd zo moeilijk.

In dit blogartikel vertel ik hoe een narcistische opvoeding zoveel invloed heeft op je relaties met anderen. Je zult dit vast bij jezelf herkennen.

Pijnlijke sociale situaties als je opgegroeid bent met narcisme

Stel je de volgende situatie eens voor:

Je zit tussen een groepje mensen. Je luistert aandachtig naar waar ze het over hebben. Je probeert jezelf in het gesprek te betrekken. Je lacht, je praat mee, maar je mist iets. Verbinding. Er wordt gepraat over dingen die voor hen normaal zijn, maar voor jou onbekend.

De gespreksstof gaat namelijk vaak over vriendschappen, relaties en omgang met elkaar. Onderling wordt er gelachen en gereageerd vanuit herkenbaarheid. Maar voor jou zijn die dingen helemaal niet herkenbaar. Integendeel: veel van wat er besproken wordt, heb jij nog nooit meegemaakt.

Meteen komen dan die gedachten weer: „Zie je wel, ik ben anders.” „Ik hoor er niet bij.” „Ik voel me minderwaardig.” Die gedachten zorgen ervoor dat je je terugtrekt uit de conversatie. Je wordt stil, want je kunt hier niet over meepraten. Je voelt schaamte, en zoals altijd richt je je heel erg op jezelf.

„Wat zullen ze van me denken?” „Hoe zie ik eruit?” „Hoe kom ik over?” Onbewust ga je alle anderen zien als beter dan jijzelf. Weg verbinding. In plaats daarvan komen gevoelens van schaamte en minderwaardigheid. Je zegt tegen jezelf: „Zie je wel. Ik hoor er weer niet bij. Ik ben raar, anders dan zij.”

Je voelt je ongemakkelijk, bekeken, alsof plotseling alle aandacht op jou gericht is. Je voelt afstand. En wat doe je vervolgens? Je gaat dit soort situaties vermijden omdat ze je zo ongemakkelijk laten voelen. Maar je baalt ook en denkt: „Waarom kan ik zo moeilijk vrienden maken? Waarom gaat het anderen altijd zo makkelijk af en mij niet? Ligt het aan mij? Vast wel.”

Je denkt dat je introvert bent — maar is dat wel zo?

verschil tussen introversie en sociale angst na opgegroeid met narcisme
Photo by Muhmed Alaa El-Bank on Unsplash

Omdat je sociale situaties gaat vermijden, ga je voor jezelf verklaringen zoeken. Je voelt jezelf raar, anders, een buitenbeentje. Maar daar schaam je je voor en dat wil je liever helemaal niet weten. Ach, denk je, ik ben nu eenmaal zo. Misschien is het zo omdat ik introvert ben, een ‘lone wolf’ of een ‘einzelgänger’. Maar is dat werkelijk het hele verhaal?

Je bent graag alleen, zeg je. Dan vind ik eindelijk rust. Een introvert krijgt energie van alleen zijn. Een extravert krijgt energie vanuit de omgang met anderen. Jij krijgt ook rust en energie terug van het alleen zijn. Als je alleen bent, kan immers niemand over je oordelen, hoef je niet op jezelf te letten en hoef je niet geforceerd gesprekken aan te knopen.

Dus ja, dan zal je wel introvert zijn, toch? Maar het verschil tussen een echte introvert en jou is dit: een introvert kiest ervoor om alleen te zijn — niet vanuit schaamte voor veroordeling. Jij wel. Je zondert je af van de buitenwereld om ongemakkelijke situaties te vermijden. Lees hier wat introversie echt betekent.

Dat wil niet zeggen dat je introvert bent. Je voelt je niet op je gemak tussen anderen. Je mist de verbinding omdat je denkt dat je anders bent, raar. Die schaamte verhindert je vermogen om echte verbindingen aan te gaan. Anderen voelen jouw teruggetrokkenheid ook. Je straalt een gereserveerde, moeilijk benaderbare energie uit. Ongemerkt houd je een enorm schild voor je, uit angst om gekwetst te raken.

Misschien gebruik je het label ‘introvert’ als excuus voor jezelf — een verklaring voor waarom je altijd alleen bent. De uitleg „Ik ben introvert” of „Ik ben nu eenmaal een einzelgänger” vermomt de onderliggende schaamte.

Opgegroeid met narcisme: je hebt geleerd jezelf aan te passen om veilig te blijven

kind past zich aan om veilig te blijven na opgegroeid met narcisme
Photo by Tommy van Kessel on Unsplash

Als kind heb je al vroeg geleerd dat je jezelf moest aanpassen om veilig te blijven. Je hield altijd je mond. Je was extreem voorzichtig met wat je zei, omdat één verkeerd woord kon uitmonden in straf of mishandeling. Je werd als minderwaardig, vervelend en als een last behandeld. Op een gegeven moment zei je tegen jezelf: „Ik ben een sta-in-de-weg.” „Ik ben vervelend.” „Een rotkind.”

Wat er vervolgens gebeurde, is dat je begon te geloven dat je zo was. Je was anders. Je was dat vervelende kind dat alles verkeerd deed. Het werd je identiteit en je begon je er ook naar te gedragen. Je verontschuldigde je voortdurend, zag alles als je eigen schuld.

Je trok je terug, cijferde jezelf weg en hield je klein en onopvallend. Dat was voor jou de enige manier om straf en mishandeling te voorkomen: aanpassen, pleasen en jezelf afstompen. Maar diep van binnen zocht je erkenning, liefde en acceptatie. Als aanpassen aan alles en iedereen de enige weg daar naartoe leek, dan deed je dat. Je werd dagelijks als minderwaardig behandeld, dus werd dat normaal voor je.

Je leerde: „Ik ben niet goed genoeg zoals ik ben.” „Ik moet eerst voldoen aan de voorwaarden die me worden opgelegd.”

De gevolgen van een narcistische opvoeding: het patroon dat je meeneemt naar je volwassen leven

Vervolgens word je volwassen, maar het gedachtengoed dat je als kind hebt aangeleerd — „Ik moet eerst aan de voorwaarden voldoen” — blijft onveranderd wanneer je opgegroeid bent met narcisme.

Dat zie je terug in hoe je met anderen omgaat en hoe je je voelt in sociale situaties. Als kind voelde je je minderwaardig, anders, niet goed genoeg. Zo voel je je als volwassene nog steeds. Het is een overtuiging die je blijft achtervolgen. Je blijft je onveilig voelen als je omringd wordt door mensen.

Stel je weer een situatie voor: je loopt een ruimte binnen vol mensen die je niet kent. Je peilt meteen de sfeer. Meteen voel je je bekeken en denkt: Hoe kom ik het beste over bij iedereen? Je scant de ruimte. Kijkt er iemand naar me? Wat zullen ze van me denken? Waaraan moet ik voldoen om erbij te horen?

Voorzichtig probeer je een gesprek aan te knopen. Je luistert aandachtig. Je praat mee, lacht mee en let op ieder woord dat je zegt. Niemand in het harnas jagen, met iedereen eens zijn. Je mening aanpassen.

Oppervlakkige gesprekken

Maar je merkt dat de gesprekken oppervlakkig blijven, afstandelijk. Ze gaan voortdurend over de ander. Niemand vraagt jou iets. Het is net alsof ze niet geïnteresseerd zijn in wie jij bent. Maar komt dat omdat je niet interessant bent, of simpelweg omdat je jezelf zo afsluit? Omdat je denkt: Wie is er nu geïnteresseerd in wat ik te vertellen heb?

Je vergelijkt je voortdurend met anderen die moeiteloos in gesprek blijven, luidruchtig zijn en zichzelf schaamteloos presenteren. Je denkt: „Zo ben ik helemaal niet. Was ik maar zo. Geen wonder dat niemand interesse in me heeft.” En zo blijf je jezelf naar beneden praten.

Als ik naar mezelf kijk, was het net zo. Ik vergeleek mezelf altijd met mijn drie jaar oudere broer die moeiteloos vriendschappen sloot en schaamteloos aanwezig was in sociale situaties. Ik was zo helemaal niet. Ik voelde me nooit op mijn gemak en vriendschappen sluiten was voor mij altijd een moeizaam proces. Vriendschappen hielden nooit lang stand en verwaterden snel. Mijn broer heeft nog talloze vriendschappen overgehouden van zijn schooltijd. Ik? Ik heb met niemand meer contact van vroeger.

Maar het verschil zat niet in populariteit. Het zat in hoe we naar onszelf keken.

Waarom je geen verbinding voelt als je bent opgegroeid met narcisme

jezelf afsluiten en geen verbinding voelen met anderen
Photo by Carlos on Unsplash

Je voelt geen verbinding met anderen omdat je jezelf afsluit. Je blijft het liefst onzichtbaar als je denkt dat je niet voldoet. Maar echte verbinding ontstaat pas als jij laat zien wie je werkelijk bent.

Als je jezelf altijd inhoudt, jezelf verbergt en niet durft te laten zien, dan kan een ander ook geen verbinding met je maken. Die kan dan niet de echte jou ontmoeten, omdat je dat schild voor je houdt zodra er iemand dichtbij komt. Je sluit je af voor contact. Je fluistert tegen jezelf: „Ik mag er niet zijn.” „Ik hoor er niet bij.” Die energie geef je af en dat voelen mensen.

Mensen gaan daardoor ook afstand van je houden. Daarom voelen contacten met anderen altijd leeg, zelfs als je onder mensen bent.

De pijnlijke waarheid — maar ook de bevrijding

De waarheid is dat je dit allemaal zelf doet. Het ligt niet aan de buitenwereld, maar aan jezelf. Je bent niet raar of anders. Je hoeft ook niet te voldoen aan een „norm”. Je hoeft niet populair te zijn, vlot gebekt of extravert. Dat heb je jezelf wijsgemaakt — als excuus om je eigen gedrag te rechtvaardigen.

Het probleem is niet dat jij geen verbindingen kunt maken. Het wordt veroorzaakt doordat je opgegroeid bent met narcisme. Het probleem is dat je je nog vasthoudt aan strategieën die je vroeger veilig hielden. Dat is wat je blokkeert. Wat je vroeger beschermde, is nu juist datgene wat je beperkt.

Wat verandert als je stopt met jezelf inhouden

Stel je voor hoe je leven eruitziet als je stopt met jezelf te verbergen voor de buitenwereld. Dat je jezelf presenteert als iemand die er gewoon mag zijn, net zoals de rest.

Meer echtheid in gesprekken

De oppervlakkigheid gaat ervan af. Gesprekken met anderen worden echter, omdat je niet langer een masker voor je houdt. Je hoeft je niet meer te verbergen of bang te zijn om iets verkeerds te zeggen. Daardoor ben je opener, eerlijker en kom je ook geïnteresseerder over bij de ander — die zich dan ook meer openstelt voor jou.

Meer rust in je hoofd

Je zult meer rust voelen in je hoofd: minder nadenken over wat je gaat zeggen, hoe je je gedraagt, hoe je overkomt. Je wordt niet langer geplaagd door negatieve gedachten, angst en schaamte. Je bent gewoon — en zo voel je je ook. Dat straal je uit.

Minder vergelijking met anderen

Je stopt met jezelf met anderen vergelijken, omdat je goed bent zoals je bent. Als je stopt met vergelijken, voel je ook niet langer de noodzaak om ergens aan te moeten voldoen. Het gevoel „ik moet erbij horen” verdwijnt.

Meer gevoel van ‘ik hoor hier ook’

Op het moment dat je het gevoel loslaat van „ik moet me aanpassen”, valt er een muur weg. Je gaat anderen niet meer zien als versies die jij wilt zijn, of als beter dan jij. Je zegt: „Ik ben oké.” „Ik mag er zijn.” „Ik heb net zoveel recht om hier te zijn als al die anderen.”

Slot: opgegroeid met narcisme, maar je kunt het afleren

Je mist geen verbinding met anderen. Wat het altijd is geweest, is dat je geen verbinding meer had met jezelf — als gevolg van wat er vroeger is gebeurd. Je miste de verbinding met dat deel van jezelf dat je vroeger moest verbergen om veilig te blijven. Dat is niet langer aan de orde. Nu ben je veilig. En je was altijd al oké om wie je was. Je moet alleen weer leren jezelf te accepteren.

Herken je jezelf hierin?

Je bent niet raar of anders. Dit is iets wat je hebt aangeleerd als gevolg van opgroeien met narcisme.

En wat je hebt aangeleerd… kun je ook weer afleren.

In mijn boek ga ik dieper in op hoe opgegroeid worden met narcisme je vormt — en wat er nodig is om daar los van te komen. Wil je daar niet alleen over lezen, maar er ook echt doorheen breken? Dan help ik je daar persoonlijk bij.

Herken je jezelf in dit verhaal? Veel mannen die zijn opgegroeid met narcisme lopen vast zonder precies te begrijpen waarom. Je hoeft dat niet langer alleen te dragen.

Ik heb een plek gemaakt voor mannen die verantwoordelijkheid nemen, eerlijk naar zichzelf durven kijken en hun patronen willen doorbreken — zonder drama, zonder slachtofferschap, zonder oordeel.

👉 Bekijk hier  de community.

**Deze content is gebaseerd op persoonlijke ervaring en is geen therapeutisch advies**
Coverphoto by Semen Machin on Unsplash

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven